Veiligheid van het autovaccin

Het bloed dat uiteindelijk verandert in autovaccin wordt in kleine hoeveelheden en verdeeld over 12 verschillende buisjes afgenomen, samen met twee controlebuisjes voor laboratoriumonderzoek die op dezelfde wijze worden behandeld. Alle buisjes worden direct bij de afname voorzien van een label met de noodzakelijke patiëntgegevens om verwisseling van bloedpreparaten te voorkomen. Het uiteindelijke autovaccin is eigenlijk niets anders dan bloed dat wekenlang op lichaamstemperatuur bewaard is onder steriele omstandigheden en in constante beweging gehouden. Dit betekent een langdurig afbraakproces van alle bio-actieve moleculen in het bloed, met uitzondering van de menselijke en bacteriële DNA moleculen, die vrijwel ‘onverwoestbaar’ zijn. Dat proces wordt incuberen genoemd.

Tegen het eind van de incubatieperiode worden de twee controlebuisjes naar een laboratorium opgestuurd, waar met het kweken op alle mogelijke bacteriën en schimmels wordt nagegaan of het 

microscoop op bloed

bloed veilig gebruikt kan worden, d.w.z. of er infectiegevaar is bij het toedienen er van; dat is de standaard procedure. Als deze tests negatief blijken is infectiegevaar afwezig. In de afgelopen 9 jaar zijn alle tests steriel gebleken. Ook is er nog nooit een infectie gevolgd op de vaccinatie.

Wij hebben ook tests verricht om na te gaan of er misschien ongewenste veranderingen in het geïncubeerde bloed optreden en dus aanwezig zijn in het vaccin, waardoor het niet aan de patiënt moet worden toegediend; bijvoorbeeld wegens de kans op een auto-immuniteitsreactie. 

bloed via microscoop

Een autoimmuniteitsreactie veroorzaakt door inspuiten van je eigen bloed vereist de aanwezigheid van bioactieve, witte bloedlichaampjes (T-lymfocyten). De levensduur van deze lymfocyten is 5 tot maximaal 20 dagen. De langdurige incubatieperiode van 6 weken garandeert dat deze cellen niet meer actief zijn. Als proef op de som hebben wij vers bloed van patiënten gemengd met het uit hun bloed geproduceerde autovaccin en onder de microscoop bekeken. Zou hierbij samenklontering van de bloedcellen optreden, dan is er sprake van incomptabiliteit, oftewel kans op een auto-immuniteitsreactie door het niet goed bij elkaar passen van het autovaccin en de patiënt en zou het autovaccin niet gebruikt moeten worden. Bij meerdere tests is deze incomptabiliteit geen enkele maal gebleken. Op grond van de wetenschappelijke kennis was dat ook niet te verwachten, niet in de laatste plaats omdat het autovaccin een lichaamseigen stof is.

 De bijgaande plaatjes hebben betrekking op het microscopische onderzoek. Het microscopische beeld laat zien dat de rode bloedlichaampjes niet samenklonteren door contact met het autovaccin.